dagboek 'Groeten uit Tjideng'

Tijdens de 2e wereldoorlog in Nederlands-Indië, van 1942 tot 1945, onder de Japanse bezetting, houdt Dicky Douw-Vos dagboeken bij.
Ze beschrijft de gebeurtenissen in detail en daarnaast haar persoonlijke ervaringen. Dit doet ze op onnavolgbare wijze, met veel gevoel voor humor, relative-rend waar dit kan, en tot in de zwartste uren met een flinke dosis ironie.

Dicky in Singapore, met Robby in een rickshaw
Dicky in Singapore, met Robby in een rickshaw.
robby en marijke voor het kamp
Robby bijna 2jaar, Marijke 10 maanden. Laatste foto vóór het kamp.

Het verhaal begint in 1941, na de Japanse aanval op Singapore, vrijwel gelijktijdig met ‘Pearl Harbor’. Dicky evacueert vanuit Singapore naar Batavia, waar het veilig zou zijn. Haar man, die scheepswerktuigkundige is, vertrekt met een van de laatste schepen naar Australië, gewoon voor zijn werk. Dicky wordt met haar zoontje van twee jaar en dochtertje van 10 maanden geïnterneerd in het vrouweninterneringskamp Tjideng in Batavia (nu Jakarta) en ziet haar man pas terug na de oorlog. Gedurende de bijna drie jaar in het kamp blijft ze de dagboeken bijhouden, hoewel dit ten strengste verboden is en er strenge straffen op staan. De dagboeken worden telkens ergens anders verstopt. Ze beschrijft hoe de vrouwen met elkaar omgaan (vaak rampzalig, zoveel vrouwen op een kluitje…), de woningtoestand, de voedselsituatie, de ziektes van de kinderen en de medische zorg, de houding van de Indonesiërs (uitgebreid) en ze schrijft over goed en kwaadwillende Japanners, Indonesiërs en Nederlanders. Het wordt een continu en gedetailleerd verslag, op datum en met feiten (verifieerbaar) en geruchten. Waar vele dagboeken in het laatste jaar stoppen, omdat het te gevaarlijk is en omdat de erbarmelijke leefomstandigheden en vooral het slechte voedsel hun tol eisen, gaat Dicky er toch mee door. Iedereen heeft dan hongeroedeem, velen sterven. De beruchte kampkommandant Kenichi Sonei, meester in wrede kwellingen, zwaait nu de scepter.

Kenichi Sonei
Kampcommandant Kenichi Sonei.

Na de overgave van Japan in augustus 1945 moeten ze in het kamp blijven, vanwege de opstandige, gevaarlijke Indonesiërs (de z.g. bersiaptijd), en krijgen ze Engelse bezetting, wat niet bepaald een pretje is. Tenslotte worden ze per vliegtuig geëvacueerd naar Australië (een vreselijk maar hilarisch verslag) waar ze haar man weer ziet, en de kinderen hun onbekende vader.

Het gezin in Australië, november 1945. Eerste foto na het kamp.
Het gezin in Australië, november 1945. Eerste foto na het kamp.

Na ruim een half jaar in Australië gaat het gezin enkele maanden terug naar Indië, om begin januari 1947 te repatriëren naar Nederland. Op ongeveer 67-jarige leeftijd typt Dicky de dagboeken uit, deels als verslag, deels in de oorspronkelijke dagboekvorm. Ze voegt vele herinneringen toe. Haar dochter Marijke geeft het postuum uit en zorgt voor de indeling in hoofdstukken, maar laat de tekst van Dicky in tact.

U kunt hieronder de volgende stukken uit het boek bekijken door op het pdf icoon te klikken:

1. het inkijkexemplaar

pdf bestand

2. boekfragmenten downloaden.

pdf bestand

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *